Kennissessie studieverzamelingen TU Delft

Op 20 november organiseerde het team Maatwerk Facultaire Collecties van de TU Delft een openbare kennissessie over studieverzamelingen. Erfgoedprofessionals, docenten en onderzoekers uit het hele land gingen met elkaar in gesprek over de positie van studieverzamelingen binnen het hoger onderwijs en het bredere veld van academisch erfgoed. Centraal stond de vraag hoe gebruik en behoud zich tot elkaar verhouden wanneer technisch en academisch erfgoed actief wordt ingezet in de onderwijspraktijk.

Programmamanager Liselotte Neervoort opende de middag met een terugblik op vier jaar Maatwerk Facultaire Collecties. Het programma ondersteunt faculteiten bij inventarisatie, waardering, beleidsvorming en vooral bij de activering van erfgoedmateriaal. Juist omdat de TU Delft geen museum is, krijgen studieverzamelingen een eigen dynamiek: zij ondersteunen onderwijs en onderzoek, maar vragen tegelijkertijd om professioneel beheer en heldere afspraken over gebruik.

Keynote-spreker dr. İlke Ercan liet zien hoe objecten uit de studieverzameling van Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica een directe rol spelen in het engineeringonderwijs. Het gebruik van historische instrumenten, modellen en apparaten biedt studenten inzicht in technologische ontwikkeling en materiaalgebruik, en draagt bij aan een zintuiglijke, contextuele leerervaring die verder reikt dan theoretische beschrijvingen of uitsluitend digitale middelen.

Dr. Anouk Nuijten (VU Amsterdam) presenteerde hoe kwetsbaar erfgoed verantwoord kan worden ingezet in onderwijs. Digitale technieken, zoals driedimensionale modellen en verrijkte metadata, maken object-gebaseerd onderwijs mogelijk zonder het risico op schade aan de oorspronkelijke objecten. Dit vraagt om planning, samenwerking en technische expertise, maar levert aantoonbaar verdieping op in de manier waarop studenten met het materiaal werken.

Elin Immerzeel (TU Delft) benadrukte vervolgens dat erfgoed binnen bèta-opleidingen een belangrijke brug slaat tussen abstracte concepten en materiële realiteit. Door objecten daadwerkelijk in het onderwijs te gebruiken, wordt de technologische en historische context beter zichtbaar en beter bespreekbaar voor studenten.

Veiligheid speelde een centrale rol in de bijdrage van Judith van Bezu (NEMO). In technische en industriële collecties komen materialen voor zoals asbest, kwik en radioactieve componenten. Het opstellen en naleven van duidelijke protocollen, en samenwerking met arbodeskundigen en gespecialiseerde bedrijven, zijn daarbij onmisbaar. De presentatie maakte duidelijk dat verantwoord gebruik van erfgoed begint bij inzicht in risico’s, een zorgvuldige risicoafweging en een realistische inschatting van de mogelijkheden voor gebruik in onderwijs en publieksactiviteiten.

Frank Bergevoet en Diede Bos (RCE) gingen in op waarderingsmodellen voor technisch erfgoed. Waar kunsthistorische collecties vaak worden benaderd vanuit esthetiek en uniciteit, staat bij technisch erfgoed de functionaliteit van het object centraal: wat doet het, waarvoor is het ontworpen en welke maatschappelijke of technologische context weerspiegelt het? De discussie liet zien dat waardering van technisch erfgoed andere accenten vraagt dan traditionele kunsthistorische benaderingen, en dat expertise uit techniek, wetenschapsgeschiedenis en erfgoedbeheer hier samenkomt.

De kennissessie werd afgesloten met bezoeken aan de studieverzamelingen van Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica en van Lucht- en Ruimtevaarttechniek. Beide collecties bieden een rijk scala aan objecten die inzicht geven in de geschiedenis van onderwijs en onderzoek aan de TU Delft. De rondleidingen maakten zichtbaar hoe studieverzamelingen functioneren als tastbare verbinding tussen materieel verleden en academische praktijk, en hoe zij kunnen bijdragen aan onderwijsinnovatie en reflectie op het eigen vakgebied.

De kennissessie onderstreepte de groeiende rol van studieverzamelingen binnen universiteiten. Zij vormen een schakel tussen onderwijs, onderzoek en erfgoedbeheer, en bieden een waardevolle context voor het begrijpen van technologische ontwikkeling en academische praktijken. Door kennis en ervaringen te blijven uitwisselen, kunnen instellingen gezamenlijk verder bouwen aan een duurzaam en doordacht gebruik van academisch erfgoed.

Deel dit

Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *