Van Kraijenhoff naar Allmaps

Hoe een tentoonstellingsonderdeel uitgroeide tot een (inter)nationale samenwerking

Vanaf het hoogste punt

In 2019 maakte ik de tentoonstelling Vanaf het hoogste punt: landmeten in Mesdags tijd bij Panorama Mesdag. We toonden hierin hoogtepunten uit de deelcollectie geodesie van de TU Delft Library: allerlei instrumenten gebruikt voor landmeten en het maken van kaarten. Een van de hoogtepunten was de zogenoemde repetitiecirkel die gebruikt is door Cornelis Kraijenhoff voor de eerste landsdekkende driehoeksmeting in Nederland aan het begin van de 19e eeuw.

Vóór de introductie van luchtcartografie aan het begin van de 20e eeuw werden driehoeksmetingen gebruikt als basis voor het produceren van betrouwbare kaarten. Vanuit hoge punten in het landschap (meestal kerktorens) werden richtingen (hoeken) gemeten naar andere zichtbare punten. Al deze metingen samen vormen een driehoeksnet en bepalen de vorm van de kaart. Door op één plek een fysieke afstand te meten (de ‘basis’) en deze te koppelen aan punten in het netwerk, konden de lengtes van de andere zijden worden berekend. Gemakkelijk is dit niet: de aarde is rond, dus de driehoeken zijn niet plat maar bevinden zich op een bol.

Kaart van de driehoeksmeting van Stamkart. Foto: Johannes Schwartz

Kraijenhoff voerde zijn metingen uit in tumultueuze tijden: hij begon zijn project ten tijde van de Bataafse Republiek en rondde ze af in de Napoleontische tijd. In de tentoonstelling wilden we dit beter in kaart brengen: hoe trok hij door het land en wanneer deed hij welke metingen? Uit de biografie van Wilfried Uitterhoeve wist ik dat de notitieboeken van Kraijenhoff bewaard zijn gebleven bij de Universitaire Bibliotheken Leiden (UBL). Samen met zelfstandig ontwikkelaar Bert Spaan, waarmee ik al eens had samengewerkt, en met medewerking van Martijn Storms van de UBL, maakte ik op basis van dit archief een databestand van Kraijenhoffs metingen van 1802-11. In de tentoonstelling maakten we dit vervolgens zichtbaar in de vorm van een animatie.

Dit tentoonstellingsonderdeel toonde de meerwaarde van het samenbrengen van verschillende collecties: onze objecten kregen betekenis met behulp van archiefstukken uit Leiden. Terwijl het vaak grote moeite kost om fysieke objecten samen te brengen, maken digitale applicaties dit juist gemakkelijker. Geïnspireerd door dit kleine project, praatten Bert en ik daarom verder met de UBL over een vervolgproject over het samenbrengen van digitale collecties.

Allmaps

Uit deze gesprekken is Allmaps voortgekomen. Ten grondslag hieraan liggen twee ambities: ten eerste om basisapplicaties te ontwikkelen voor de presentatie van digitale collecties, zodat deze gemakkelijker her te gebruiken zijn en beter te onderhouden. Ten tweede wilden we de mogelijkheden van het International Image Interoperability Framework (IIIF, spreek uit: triple-eye-eff) onderzoeken.

IIIF is een set standaarden die steeds vaker geïmplementeerd worden door bibliotheken en andere culturele instellingen voor het ontsluiten van hun digitale collecties. Traditioneel bieden instellingen hun metadata aan in de vorm van bijvoorbeeld Dublin Core. Vaak geeft dit derden alleen toegang tot de metadata van het object en niet tot het gedigitaliseerde beeld. IIIF probeert hier verandering in te brengen: het is in de eerste plaats een standaard voor het delen van audiovisueel materiaal. Voor het bijeenbrengen van verschillende collecties, zoals in het eerdere voorbeeld, is IIIF zeer interessant. Dankzij deze standaarden hoef je niet telkens per instelling uit te pluizen hoe het zit en kun je binnen een applicatie het beeldmateriaal direct laden vanaf de bron (zonder zelf een kopie te hoeven maken). Soms ondersteunen bibliotheken de standaard zonder het zelf te weten omdat de leverancier deze al heeft geïmplementeerd, zoals bij ContentDM van OCLC.

Het project Allmaps gaat over de vraag hoe de IIIF-standaard kan bijdragen aan het bijeenbrengen van verschillende kaartverzamelingen, en het verbeteren van de algehele presentatie van dit type materiaal. Het ‘georefereren’ van gedigitaliseerde kaarten maakt het mogelijk om deze te tonen op een actuele kaart. Voorheen vereiste dit het genereren van afgeleiden zoals GeoTIFFs, die veel opslagruimte in beslag nemen en vragen om de nodige aanvullende infrastructuur. De viewer van Allmaps maakt gebruik van de mogelijkheden van moderne browsers en transformeert de gedigitaliseerde kaarten op het apparaat van degene die ze bekijkt. Daarnaast biedt Allmaps een editor aan voor het georefereren van al het digitaal kaartmateriaal dat beschikbaar is met IIIF (wereldwijd spreken we dan over honderdduizenden beelden…). In dit filmpje worden de verschillende onderdelen gedemonstreerd.

De huidige tools zijn gemaakt als proof of concept; inmiddels is Allmaps dankzij de bezielende bemiddeling van Saskia van Bergen (UBL) onderdeel van het project Verbonden Digitaal Erfgoed van de Koninklijke Bibliotheek en het Netwerk Digitaal Erfgoed. Het projectplan wordt verder uitgewerkt door de TU Delft Library, de UBL en Bert Spaan, maar inmiddels is ook de Vrije Universiteit Amsterdam aangesloten bij het project. Ook internationaal wordt samengewerkt met gerenommeerde instellingen, zoals het Leventhal Map & Education Center van de Boston Public Library. In 2022 worden de tools verder ontwikkeld en gaan we aan de slag met het ontwikkelen van een collectie-viewer voor het tonen van kaartverzamelingen.

Reuzenarbeid

Instellingen zijn vaak zeer gericht op hun eigen collecties. Als tentoonstellingsmaker geniet ik er echter ook van om bij de buren te kunnen snuffelen en materiaal uit verschillende collecties samen te brengen tot één verhaal. Tentoonstellingen zijn op deze manier een vehikel om de kennis over de eigen collectie te verdiepen en relaties te leggen tot andere collecties. De applicatie over de metingen van Kraijenhoff is hier een goed voorbeeld van.

Verbetering van het kanaal Gent-Terneuzen

De IIIF-standaard maakt het gemakkelijk om digitale collecties bij elkaar te brengen, waar dit fysiek juist heel lastig zou zijn. Bovendien maakt het de ontwikkelde applicaties ook bruikbaar voor anderen. Uit deze gedachte is Allmaps ontstaan: niet alleen bruikbaar voor Delft en Leiden, maar voor iedere instelling die de standaard heeft geïmplementeerd.

Om de mogelijkheden van IIIF en Allmaps voor het vertellen van verhalen te illustreren, hebben Bert en ik in het afgelopen jaar met de componenten van Allmaps een applicatie ontwikkeld rondom het boek Reuzenarbeid van historicus Willem van der Ham. Hierin wordt een selectie foto’s uit het boek getoond in combinatie met kaartmateriaal afkomstig van verschillende instellingen. De bezoeker scrollt langs het verhaal en leest fragmenten uit het boek. De broncode is beschikbaar op Github en materiaal van andere instellingen kan gemakkelijk worden toegevoegd!

Meer informatie

  • In 2021 presenteerden Bert en ik Allmaps op het jaarlijkse congres van het internationale IIIF-consortium, bekijk hier de opname.
  • Voor de tentoonstelling Vanaf het hoogste punt maakten Bert en ik nog een andere applicatie met collectiemateriaal van het Arnhemse Kadastermuseum. Deze applicatie is nog steeds online te bekijken.
  • Samen met het Britse bedrijf Digirati werkt de TU Delft Library aan een applicatie voor het maken van tentoonstellingen met IIIF. Lees daarover meer hier en zie de voorbeelden op de erfgoedwebsite van de TU Delft. In de eerste helft van 2022 zal hiervan een nieuwe, publieke versie beschikbaar komen.

Deel dit

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.