Ga terug naar de vitrine

Fytopathologische preparaten

Museum Vrolik Amsterdam

Collectie: botanie

Deze fytopathologische preparaten zijn vloeistofpreparaten van planten die door ziekte zijn aangetast. Ze behoren tot de omvangrijke collectie van hoogleraar fytopathologie Johanna Westerdijk (1883-1961), die de collectie aanlegde om haar studenten in de plantkunde de belangrijkste plantenziektes te leren kennen. De afgebeelde preparaten zijn: Duizendschoon aangetast door roest, de komkommer door het komkommermozaïekvirus en de perzik door het perzikmozaïekvirus.

Planten kunnen namelijk net als dieren ziek worden. En net zoals bij dieren kunnen virussen, bacteriën of parasieten daar de oorzaak van zijn. Welke ziekte een plant heeft, is bijvoorbeeld te zien aan vergroeiingen of specifieke verkleuringen. De vloeistofpreparaten van aangetaste planten tonen welke ziekte de plant heeft. Samen met de in eigen beheer gemaakte collegeplaten gebruikte Westerdijk deze preparaten bij colleges en practica.

Na 1980 zijn de preparaten in onbruik geraakt, waarna de collectie een heel andere betekenis kreeg. Een deel van de afwijkingen is – door gebruik van bestrijdingsmiddelen en gerichte teeltkeus – namelijk zeldzaam geworden. Ze zijn alleen nog te vinden in de verzameling van Westerdijk. Deze collectie is waarschijnlijk de enige plantenziektekundige collectie in Europa.

Professor Johanna ‘Hans’ Westerdijk was een markante persoonlijkheid. Van 1907 tot 1952 was zij directrice van het Willie Commelin Scholten Instituut voor Fytopathologie (plantenziektekunde) in Baarn. In 1917 werd zij in Utrecht benoemd tot buitengewoon hoogleraar fytopathologie. Dit was een mijlpaal in de vrouwenemancipatie, omdat zij de eerste vrouwelijke hoogleraar in Nederland was. Onder haar leiding groeide het fytopathologisch instituut uit tot een internationaal gerenommeerd onderzoekslaboratorium.

Geen aanvullende informatie.

Museum Vrolik Amsterdam

De collectie van het Museum Vrolik vindt zijn oorsprong in de particuliere collectie normale anatomische, pathologisch anatomische, zoölogische en teratologische preparaten van professor Gerardus Vrolik (1775-1859) en zijn zoon professor Willem Vrolik (1801-1863). Na de dood van Willem dreigde de collectie te worden verkocht. Maar gelukkig wist een commissie uit de Amsterdamse burgerij haar in 1869 integraal te verwerven. De collectie werd overgedragen aan de gemeente en geplaatst in het Anatomisch Laboratorium van het Athenaeum Illustre, de voorloper van de UvA. De collectie is hierna steeds uitgebreid met schenkingen van andere particuliere collecties, zoals de collectie Hovius (een verzameling pathologische beenderen, geëxposeerd in een fraaie achttiende eeuwse kast) en de collectie Grevers (een tandheelkundige verzameling).
Museum Vrolik maakt deel uit van het landelijk netwerk Medisch Erfgoed.

Museum Vrolik Faculteit der Geneeskunde Academisch Medisch Centrum (AMC) Meibergdreef 15 1105 AZ Amsterdam Telefoon: 020-5664927 E-mail: museumvrolik@amc.uva.nl
Naar de website
Museum Vrolik Amsterdam is een onderdeel van de Universiteit van Amsterdam