Hoe technisch onderzoek kan leiden tot meer kennis over Romeins glas

In november van het vorig jaar mocht ik op een bijeenkomst van de SAE een korte lezing geven over onderzoek naar Romeins glas dat in het Amsterdamse Allard Pierson wordt bewaard als onderdeel van de universitaire erfgoed collecties.

Romeins glas in het Amsterdamse Allard Pierson
Glazen fles uit de collectie van het Allard Pierson waarvan de samenstelling met een draagbare XRF-spectrometer wordt onderzocht. Ca 350 na Christus, Palmyra?, h. 19,5 cm, collectie Allard Pierson 729

De collectie antiek glas bestrijkt een lange periode met vroeg glas uit de 13de eeuw voor Christus uit Mesopotamië en Egypte tot laat glas ook uit Egypte en Syrië uit de negende tot 11de eeuw na Christus. De focus ligt echter op het geblazen Romeinse glas. Door een aantal opvallende tentoonstellingen onder andere in het Allard Pierson en in het Rijksmuseum van Oudheden maar ook door lezingen, congressen en publicaties, is er een groeiende belangstelling voor glas uit de klassieke oudheid, zowel bij het publiek als bij onderzoekers uit diverse disciplines. Voor mij, als conservator klassieke wereld is het archeologisch glas in het museum al vele jaren een belangrijke onderzoekscollectie. En onderzoek doen betekent vragen stellen én je verwonderen, maar ook soms uit je comfortzone stappen. Daar biedt Romeins glas volop gelegenheid toe.

Van oudsher wordt Romeins glas beschreven en gedateerd aan de hand van de vorm. We spreken dan van typologisch onderzoek. Maar het is een meerwaarde als meer bekend is over de herkomst van het glas en de handelsroutes die werden gebruikt om ruw glas te vervoeren. Maar wat als de herkomst van een glazen voorwerp niet bekend is? Dan is het interessant om de samenstelling van glas te achterhalen. Daarvoor gebruiken we natuurwetenschappelijke technieken en dan spreken we over archeometrisch onderzoek.

Opstelling (van de TU Delft) waarmee een CT-scan kan worden gemaakt

Herkomst onbekend

Glazen flesje met twee oortjes versierd met horizontaal gewikkelde glasdraad, sterk geïriseerd en verweerd, circa 350 na Christus, Palmyra?, h. 10 cm, collectie Allard Pierson 1110

Bij een groot deel van de glascollectie in het AP is niets bekend over de archeologische herkomst. Dat heeft te maken met de geschiedenis van de collectie. In 1934 startte het Allard Pierson Museum in Amsterdam als universiteitsmuseum waar archeologische collecties werden gehuisvest. De basis werd gelegd door de privécollectie van verzamelaar Lunsingh Scheurleer uit Den Haag. Hij was bankier, in de crisis failliet gegaan en gedwongen zijn collectie verkopen. In Amsterdam werd een nieuw onderdak gevonden voor zijn belangrijke archeologische collectie waaronder ook Romeins glas. Lunsingh Scheurleer verwierf een groot deel van zijn verzameling via de kunsthandel. Helaas is hierdoor veelal de archeologische herkomst van de voorwerpen onbekend. In die tijd, begin 20ste eeuw, speelde dat een minder grote rol. Glas verdiende zijn waardering vooral door de esthetische aspecten van het materiaal. Tegenwoordig ligt dat anders: nu willen we graag weten waar een archeologisch voorwerp vandaan komt om meer te kunnen zeggen over de biografie van het voorwerp. Maar er is meer. Een voorwerp vertelt ook over de geschiedenis van een cultuur waartoe het behoort en de contacten tussen verschillende cultuurgebieden in de klassieke oudheid. Bij de start van het museum waren er ca 300 inventarisnummers aan glazen voorwerpen vergeven. In de loop van de decennia die volgden, zijn daar nog ca 300 objecten bijgekomen, door aankoop maar vaak door schenkingen of legaten, ook veelal afkomstig uit de kunsthandel en zonder archeologische herkomst. Tijd dus om contact te leggen met onderzoekers uit andere disciplines.

Virtuele dwarsdoorsnede verkregen door micro-CT-analyse van een glazen flesje Allard Pierson 1110

Met andere experimenten zoals computed tomography scan (CT-scan) is de fysieke structuur van het glas bepaald. Hierbij wordt met een groot aantal röntgenopnamen een driedimensionaal beeld van het object gereconstrueerd; we spreken over micro ct-scans omdat de resolutie enkele micrometers bedraagt. De experimenten aan de TU-Delft zijn nog niet afgelopen en de eerste resultaten zijn een aanzet om verder te gaan met technieken zoals neutronen tomografie en gamma spectroscopie. De aanpak in dit non-destructieve onderzoek naar Romeins glas is een mooi voorbeeld van interdisciplinair onderzoek naar een academische erfgoedcollectie door wetenschappers van verschillende disciplines. Doel is om antwoord te krijgen op vragen over de herkomst van Romeinse glazen uit het Allard Pierson. Uit de literatuur kennen we een aantal productieplaatsen van ruw glas en we kennen plaatsen waar uit het ruwe glas glazen voorwerpen werden gemaakt en gebruikt.  Kennis over de samenstelling van het glas kan informatie geven over handel en de transportroutes van ruw glas naar plaatsen waar glazen voorwerpen werden gemaakt. Nieuwe gegevens over glazen uit het Allard Pierson moeten worden gekoppeld aan en vergeleken met gegevens uit gepubliceerd onderzoek. Wordt vervolgd!

Voor meer informatie over de collectie glas in het Allard Pierson: Van Beek, R. 2021.  Antiek glas in het vernieuwde Allard Pierson. Vormen uit Vuur 245: 20–25.

Op 25 maart 2022 vindt een glassymposium plaats in het Rijksmuseum in Amsterdam. Daar zal het glasonderzoek ook worden besproken.

Deel dit

1 reactie

  1. Theo Zandbergen op zegt:

    Wat een heerlijk artikel. En, wat fantastisch dat al die moderne technieken toegepast worden in het onderzoek naar glas uit de oudheid. Prachtig. Dat al aanvullend aan het onderzoek van Stepphun en Wedepohl om er maar een paar te noemen. Geniet van dit soort inleidende onderzoeken. Hoop dat er nog veel meer gaat verschijnen.
    René, dank voor deze inleiding.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.